Bali naar Singapore
| Vrijdag 20 augustus 2004 - Dag 748 - Kumai Rivier - Kalimantan - Borneo | ||
| Ruim twee jaar geleden stapte ik met Dirk Wauters, de marketing manager van Mercator Bank en Verzekeringen, het kantoor van Ronald Everaert binnen, toen nog de CEO van het bedrijf. Dirk was ervoor te vinden dat Mercator onze zeilreis zou steunen. Maar nu moest ons plan de ultieme goedkeuring krijgen van de grote baas. Ronald maakte een espressootje voor ons. Toen ging hij aan de vergadertafel zitten en vroeg onmiddellijk: 'En hoe lang gaat die reis van je duren?' Verdomme. De verkeerde vraag. 'Geen idee', stamelde ik. 'Ik denk, euh... minstens drie maanden? Maximaal drie jaar?' De baas bleef minzaam glimlachen en vroeg: 'En waar gaan jullie naartoè?' Zelfs daar kon ik niet op antwoorden. Ik wilde me niet binden aan een langdurig contract en dan tegen mijn zin vastzitten op zee. Ik wist niet eens of ik graag zeilde. Ik had er geen idee van of wij graag op een boot leefden. In mijn stoutste dromen zag ik ons helemaal rond de wereld gaan, maar dat durfde ik niet te zeggen. Waar naartoe? Ook hierop antwoordde ik: 'Geen idee.' Toen glimlachte Ronald nog een keer zijn glimlach waarin vaderlijke warmte en de weemoed van veel levenservaring ligt. Hij zei: 'Dus je wil betaald worden voor een familiereisje van onbepaalde duur en zonder doel?' Op dat moment wist ik dat onze deal in het water lag. Maar Ronald lachtte en zei: 'Voor mij is het goed.' Mijn espresso was nog niet op maar de vergadering was afgelopen. Dirk en ik mochten gaan. Ronald Everaert stond op - hij is een erg grote man - schudde me de hand en zei: 'Maar ik vind toch dat jullie rond de wereld moeten proberen te geraken.' Dus heb ik daarvan maar het doel gemaakt. Ik herinner me die ochtend terwijl we nu op de Kumair-rivier varen. Die ligt in Borneo. Uitroepteken. Borneo. Had Ronald Everaert me twee jaar geleden gezegd dat ik voor onze samenwerking ook op een brede bruine rivier stroomopwaarts naar een dorpje in Borneo moest varen, dan zou ik hoofdschuddend gezegd hebben 'Komkom, dat kàn niet. Je moet realistisch blijven.' We hebben alweer meer dan een etmaal zeilen achter de rug en die was van een schoonheid die zeldzaam is. De Javazee heeft een erg slechte reputatie: ofwel is er geen wind, ofwel krijg je met het ene onweer na het andere af te rekenen. Niets van dat voor ons. Een extreem standvastig passaatwindje van vijftien knopen blies ons aan halve wind over een rustige zee, ons appelblauwzeegroene monster trok ons aan een droomsnelheid heerlijk stabiel vooruit. We passeerden een groep van wel dertig vissersschuiten die midden in zee voor anker lagen, een erg bevreemdend gezicht. 's Avonds ruilde ik de genaker voor de genua, we legden nog een spelletje kaart, keken een filmpje en deden elk een rustige wacht terwijl de anderen heerlijk sliepen. Vanochtend, al van voor zonsopgang, voeren we uren en uren met slechts twee à vijf meter onder de kiel. De kusten voor Borneo zijn erg ondiep. En nu slalommen we naar Kumai, over een brede rivier die door een zinderend hete jungle slingert. Echt waar, ik kan dat zelf moeilijk geloven. |
||
| Zondag 29 augustus 2004 - Dag 757 - Zuid-Chinese Zee | ||
| De ITCZ heeft geen vaste standplaats en moet momenteel erg naar het noorden liggen want we varen bijna tegen de evenaar aan en nog steeds waait er een perfecte passaatwind. Toen we gisteren Serutu achterlieten woei het zelfs loeihard. We varen over een hindernissenparcours. Sleepboten die 's nachts als hoerententen verlicht zijn en waar honderden meters verder dan opeens een onverlicht monster aan blijkt te hangen, vissersboten die grillige dansjes beginnen te maken als wij in de buurt komen en plotseling voor onze boeg hun netten uitgooien, vrachtschepen met wie we klaarblijkelijk op aanvaringskoers liggen en die niet antwoorden als ik ze oproep om hun koers en snelheid te vragen. Nu ja, geen antwoord is beter dan wat de Indonesische vissers allemaal door de ether gooien. Hun Engels beperkt zich tot een melodieus 'I looove youou, I looove youou' en als ze zelfs dat niet kunnen beginnen ze te zingen of te fluiten. Els vroeg aan twee vissersboten die voor onze boeg paradeerden wat hun intenties waren en iemand antwoordde: 'Hello girl? Djigi djigi?' Of ze zin had om te neuken. Er hangt een vreemde koorts aan boord. Ik vond Luna dikke tranen huilend in haar kamer. Ze wil terug naar haar oude school, ze mist échte vriendinnetjes die altijd bij haar zijn, ze wil niet nòg een lang jaar op wereldreis zijn, dat vindt ze stòm. En Els en ik hadden een gesprek dat ontspoorde in gekibbel over wat we gaan doen als we terug in België komen. Zij wil heel veel van wat we deden en aanvaardden nooit meer doen of pikken, ikzelf zie ons wel terug in ons oude leventje nestelen. Nu ja, nestelen. Druk doen dus. |
||
|
||
| Vrijdag 10 september 2004 - Dag 767 - Raffles Marina - Singapore | ||
| Sinds nu ook Luna haar uurwerk kreeg (Baby-G van Casio) is de tijd stilgevallen. Zij gaan zwemmen en fitnessen, ik onderga mijn Chuck Palahniuk-verslaving. We kijken een film en gaan dan slapen. Soms staat de tijd zo snel stil dat je hem niet voorbij ziet vliegen. |
||
| Woensdag 15 september 2004 - Dag 773 - Raffles Marina - Singapore | ||
| Maak zelf je zin met de volgende woorden: Ikea, zwemmen en veel nietsdoen. |
||